17 april 2016 Yang Yang Cai, piano

Yangyang
YANG YANG CAI

Yang Yang Cai is geen onbekende voor de Baarnse Muziekkring. Vorig jaar trad zij voor ons op en had hierbij een groot succes. Zij werd in 1998 in Zutphen geboren en begon al op zeer jeugdige leeftijd met pianospelen. Sinds 2009 studeert zij voor haar bachelor Piano aan het conservatorium in Amsterdam
In haar nog korte carrière wist zij al vele prijzen in de wacht te slepen. In 2006 deed zij mee aan het Nationaal Concours Jong Muziektalent en eindigde zij als beste in haar categorie. Ook werden eerste prijzen aan haar toegekend op het Steinway Pianoconcours in 2008 en in 2012. In 2008 vertegenwoordigde ze Nederland in het internationale Steinway Festival in Hamburg en kreeg daar lovende recensies na haar optreden. In 2013 won ze tijdens het nationale finale van het Prinses Christina Concours in Den Haag de tweede prijs. In hetzelfde jaar kreeg zij de eerste prijs in categorie A op het Young Pianist Foundation Concours.

Programma

L. van Beethoven (1770-1829) Rondo opus 51 nr. 1 in C
Rond a Capriccio op 129 in G
F. Mendelssohn (1809-1847) Variations sérieuses op 54
M. Ravel (1875-1937) Ondine uit Gaspard de la nuit
Toccata uit Le tombeau de Couperin
E. Grieg (1843-1907) Pianosonata, opus 7 in e-mineur
1. Allegro moderato
2. Andante molto
3. Alla menuetto, ma poco più lento
4. Finale: molto allegro

Beethoven heeft vier rondo’s voor piano geschreven. Opus 129 is waarschijnlijk het meest bekende van de vier. Dit rondo staat ook wel bekend onder de aanduiding “Die Wut über den verlorenen Groschen”. Men zou inderdaad in het thema van het rondo rondtollende muntstukken kunnen horen en in de zich herhalende akkoorden van de linkerhand een “woedende” begeleiding. De aanduiding is overigens niet door Beethoven zelf verzonnen, maar vermoedelijk door zijn secretaris/biograaf Anton Schindler. Ofschoon het rondo een veel hoger opusnummer heeft dan de andere rondo‘s, stammen ze alle uit dezelfde periode.

De “Variations sérieuses” van Mendelssohn na de twee stukken van Beethoven; eigenlijk heel gepast. De variaties zijn namelijk geschreven in het kader van een project om gelden op te halen voor een groot bronzen standbeeld van Beethoven in Bonn. Andere componisten, zoals Liszt en Chopin droegen ook bij aan dit project, dat in de vorm van een “Beethoven Album” in 1842 werd gepubliceerd. De compositie van Mendelssohn bestaat uit 17 variaties; een aantal daarvan vraagt een virtuoze techniek.

Ravel schreef “Gaspard de la nuit” in 1908. Hij liet zich hierbij inspireren door de verzameling teksten “Gaspard de la nuit” van Aloysius Bertrand uit 1836. De compositie bestaat uit drie delen. Vandaag hoort u het deel “Ondine” . Dit is gebaseerd op een tekst over de waternimf Undine die een lied zingt om de toeschouwer te verleiden haar rijk, diep op de bodem van het meer, te bezoeken. Ravel heeft in het stuk het geluid van vallend en stromend water prachtig in muziek uitgebeeld.

De compositie “Le tombeau de Couperin” schreef Ravel in 1917 als hommage aan François Couperin en is geschreven in een stijl die doet denken aan diens stijl. De titels van de zes stukken, waaruit de compositie bestaat, verwijzen ook naar de barokmuziek, bijvoorbeeld “Forlane”, “Rigaudon”, “Toccata”. De compositie is opgedragen aan tijdens “La Grande Guerre” gesneuvelde soldaten. Vandaag zal het deel “Toccata” worden uitgevoerd. Dit deel is opgedragen aan de in die oorlog gesneuvelde kapitein Joseph de Marliave. Deze was musicoloog en auteur van onder meer een standaardwerk over de kwartetten van Beethoven. Zijn vrouw was pianiste en heeft de eerste uitvoering van “Le tombeau de Couperin” verzorgd.

Grieg schreef zijn Sonate voor piano in e-mineur (zijn enige pianosonate!) in 1865 toen hij 22 jaar was. Het werk heeft vier delen. In het eerste deel heeft de componist enkele malen de notensequentie E-H-G (=E-B-G, de drie noten van het e-mineurakkoord) gebruikt. Een soort muzikale handtekening: Edvard Hagerup Grieg. Grieg heeft deze muzikale handtekening ook in latere composities gebruikt. Vermeldenswaard is verder dat in de sonate passages voorkomen die sterk doen denken zijn pianoconcert van twee jaar later.